Jean-Claude Vantroyen, Le Soir (22/09/2021)
Benjamin Sauzereau à la guitare, Pierre Bernard aux flûtes, Erik Bogaerts aux sax, Eric Bribosia aux claviers, Lennart Heyndels à la basse et Jens Bouttery à la batterie. Voilà les « inutiles » qui ne le sont vraiment pas : ils explorent la frontière entre musique écrite et musique improvisée et on le ressent magnifiquement dans cet album enregistré live à De Kroon à Gand et à la Jazz Station à Bruxelles en 2019. Benjamin compose tous les morceaux puis laisse de la liberté à chacun. « Ma musique est comme un Rubik’s Cube, il faut qu’on la manipule pour qu’elle existe. Dans cet album live, je crois que l’essence du groupe est capturée. » Il faut plonger dans cet album et s’y laisser aller comme on fait la planche sur la mer. La musique s’impose alors, dans toute sa sophistication et sa beauté. Et on plane…

Georges Tonla Briquet, Jazzenzo (03/09/2021)
Wie het Brusselse sextet Les Chroniques de l’Inutile nog nooit live aan het werk hoorde, kan deze schade nu deels inhalen door een verzameling concertopnamen opgebouwd als een ‘roman fleuve’.

Het sextet rond gitarist Benjamin Sauzereau (Book of Air, Warm Bad, Jens Maurits Orchestra) bracht in 2017 het debuutalbum ‘Virgule’ uit. Voor de aansluitende optredens gebruikten ze dit materiaal als startbasis om telkens af te wijken naar aansluitende filmische sfeerscheppingen. Details werden uitvergroot met toevoeging van andere verrijkende elementen.

Ondertussen componeerde Sauzereau heel wat nieuwe muziekjes die live opgenomen werden in de Gentse hippe bibliotheek De Krook (6 april 2019) en de Brusselse club Jazz Station (30 oktober 2019). Het is een logisch vervolg op ‘Virgule’, zij het met de nodige aanpassingen en vooral bredere uitvalshoeken.

Aan de hand van ‘Le Duplicata’ onthult het sextet opbouw en ontwikkeling van het scenario. Over de akoestische gitaarklanken, die aanleunen bij de klassieker ‘Estudio en Mi de Rubira’, wordt al snel een donkere sluier gehuld met licht zwevende pianonoten, donkere baslijnen en drumgeroffel. Verdraaide fluittonen en saxofoongewriemel verhogen vervolgens de onheilspellende setting. Meteen voldoende bouwstenen om hiermee verder aan slag te kunnen. Afwisselend kiezen de verschillende instrumentalisten voor nieuwe opties en vertakkingen. Zoals saxofonist Erik Bogaerts die het hele gezelschap steeds vervaarlijk dicht bij een afgrond voert (‘L’autre malentendu’!). In ‘Une question impertinente est une question pertinente’ is het Sauzereau maar vooral Bouttery die de weg openen naar een latin-getinte regio. Het is niet verboden hierbij te denken aan Marc Ribot Y Los Cubanos Postizos.

‘Le subterfuge’ klinkt dan weer als een handleiding over hoe de wisselwerking tussen rock en jazz te stimuleren. Via ‘Presque convive’ laten ze de luisteraar belanden in de nevelen van het onderbewustzijn vooral dankzij de spacy gitaarpartijen van Sauzereau. Alsof opnamebanden van Bill Frisell en Jimi Hendrix onderling gemixed werden en vervolgens vertraagd afgespeeld. ‘Joseph’ is het moment om de meer spirituele kant van het gezelschap te belichten terwijl ‘Les aventures d’Ignace Dabrowski’ en ‘Robert Mikulandric’ schoolvoorbeelden zijn van hoe een kluwen spielereien op langzaam voortschrijdende manier uiteindelijk toch tot een helder afgelijnd beeld om te vormen. Het ontledingsmechanisme van respectievelijk een (fictieve) schrijver en een (willekeurige) wetenschapper geïllustreerd aan de hand van een eigen muzikale grammatica die gebaseerd is op partituren specifiek geschreven om net hiervan te kunnen afwijken.

Elk nummer staat zo synoniem voor het openplooien van een andere dimensie zoals in 3D kinderboeken waarin decors en personages rechtop gaan staan bij het omdraaien van een bladzijde. Knap hoe Dries Van Ende alles aan elkaar laste als een lange suite.

Achter de (surrealistische) titels schuilen filosofische levensopvattingen van componist Sauzereau die hij soms al eens nader toelicht tijdens de concerten. Maar net als voor de muziek geldt hier dat de luisteraar zijn eigen fantasie de vrije loop mag en moet laten. Dat levert bij elke beluistering nieuwe beelden op, net als bij de optredens. Het continu verrassende element van jazz dus. Kunstig uitgegeven in digipack met grafisch werk van Gregor Siedl. Om Magritte te parafraseren, “Ceci n’est pas une musique de chambre“.

Het recente concert in het Mechelse gerestaureerde dominicanenklooster Het Predikheren (een organisatie van Jazzzolder Mechelen) was een illustratie van hoe Sauzereau en C° al deze microkosmossen manipuleren en omvormen tot nieuwe eenheden. Imponerend hoe ze telkens het publiek wisten te leiden en vooral misleiden.

 
































































 

 

s