Akim A.j. Willems, Cultuurpakt (28/01/2021)
JAZZ ALS MEMENTO MORI

In Memoriam

"My warmest feelings go to everyone who gave me support during the extraordinary events that were unfolding while this music was being written", lezen we in de liner notes van "Impermanent". En ook: "In loving memory of Francesca Martini". Daniele Martini – de Romeinse, maar al geruime tijd in Brussel wonende, tenorsaxofonist – verloor zijn jongere zus tijdens het schrijven van de muziek voor deze cd. Dat verlies wordt weerspiegeld in tracktitels als "For those who stay" of "Impermanent" – de twee composities waar de cd mee opent – en wordt vertaald in de contemplatieve sfeer van de cd.

Niet uit de band

Daniele Martini schreef zes sterke composities; de inherente kracht ervan wordt versterkt door de interactie tussen Martini en zijn medemuzikanten in het kwartet: Bram De Looze op piano (die tijdens de opnames in 2016 nog als een 'aanstormend talent' door het leven ging), Manolo Cabras op contrabas en Joao Lobo op drums.

De derde compositie is de meest in het oog springende compositie op "Impermanent". Het fundament van deze track is de geïmproviseerde jazz die kenmerkend is voor Martini, maar gebracht op getemperde wijze. "Cells" springt in het oog, maar zeker niet uit de band.

Meditatie

Met de vierde en vijfde compositie sluipen meditatie en spiritualiteit de cd binnen. "Auroshika" klinkt zoals dit bekende, Indiaase wierookmerk ruikt en de "Fang Song Song" geeft in de titel mee wat je het best doet tijdens het luisteren: 'fang song' – wat zich uit het Chinees laat vertalen als 'ontspannen'.

Born – Work – Sad – Happy

"Born Work Sad Happy" is, behalve de titel van de zesde compositie en het meest 'happy' of uitbundige nummer op de cd, een quote die toegeschreven wordt aan Ornette Coleman. Dat adagium zou zijn hele leven samenvatten in slechts vier woorden. Wellicht omschrijft het ook het proces dat Martini doormaakte bij het schrijven en opnemen van de composities van: een idee wordt geboren en uitgewerkt, onderbroken door droefheid, maar verschijnt vier jaar na de opnames – hoera! – toch nog op cd.

Pierre Dulieu, Dragonjazz (30/12/2020)
For Those Who Stay, premier titre du répertoire, évoque le vol erratique d'un oiseau cherchant sa route dans un brouillard épais. Le saxophone ténor s'envole en tournoyant, hésite et, d'arabesque en arabesque, atteint son but dans un parcours aussi élégant que capricant. Auréolé d'une légère réverbération, le piano entretient cette impression de légèreté tandis que la rythmique agile est d'une parfaite pertinence. Telle une première neige hivernale tombant en bourrasque, cette musique expressive apparaît aussi fraîche que pure.

Les titres qui viennent ensuite vont confirmer la première impression d'un quartet extrêmement soudé dont la musique repose sur les codes d'un jazz libre et aérien. Même la composition Cells, en dépit de sa destructuration par des clusters de notes dissonantes lâchées en rafale par Bram De Looze, garde une lecture accessible et évidente. On se réjouit d'écouter cette improvisation ouverte et contrastée qui acquiert une réelle densité quand Daniel Martini vient y souffler en finale des phrases d'une belle intensité.

A l'autre bout du spectre, Auroshika est ce qui se rapproche le plus d'une ballade automnale rythmée en douceur par les balais de Joao Lobo. Quant au dernier titre, il est une sorte d'hommage à Ornette Coleman qui rejetait l'idée qu'il était un être exceptionnel et qui décrivait sa vie (notamment dans les notes de pochette de son album This Is Our Music) par la phrase laconique "Born, Work, Sad, Happy and etc." La musique y célèbre en tout cas avec une belle spontanéité collective un jazz libre qui comporte aussi peu de frontières que celle d'Ornette tout en restant malgré tout beaucoup plus abordable.

Décliné par des musiciens qui voltigent en groupe de façon étourdissante, Impermanent nous fait voyager très loin et se révèle être une réussite majeure en matière de musique improvisée.

Herman te Loo, Jazzflits nummer 349 p.10 (21/12/2021)
'In loving memory of Francesca Martini' staat er op het hoesje van de cd 'Impermanent', het debuut van de Italiaans-Brusselse tenorsaxofonist Daniele Martini. Hij draagt het album op aan zijn overleden jongere zus, en dat heeft zo zijn weerslag op de muziek. Veel van de composities (alle van de hand van Martini zelf) zijn ingetogen en contemplatief van aard. Pas in het slotstuk, 'Born work sad happy' gooit de band even alle remmen los. Maar daarvóór biedt het pianist Bram de Looze, bassist Manolo Cabras en drummer João Lobo de gelegenheid om hun reputatie van verfijnde musici te etaleren. Ten tijde van de opname, in 2016, gold de pianist nog als 'jong talent' en ook hier wordt weer duidelijk waarom. Een subliem toucher, smaakvol begelei- dingswerk en een grote solistische inventiviteit hebben hem inmiddels tot de Belgische jazz- eredivisie gepromoveerd. Martini zelf heeft een herkenbare stijl, waarbij hij zijn noten zelden scherp aanzet, maar met een beetje valse lucht. Dat geeft zijn spel iets wolligs, maar op een goede manier. Een zachtaardige blazer, en geen man die met veel bombarie de muziekwereld wil veroveren. Misschien dat het debuutalbum daarom vier jaar op een release moest wachten, wie zal het zeggen. Maar zoals de oude zegswijze gaat: wat in het vat zit, verzuurt niet.

Jean-Claude Vantroyen, Le soir Mad p.18 (10/11/2020)***
Le sax ténor Daniele Martini est né à Rome mais après des études aux Pays-Bas, il s'est installé à Bruxelles. Il a travaillé avec Nicola Lancerotti, Giovanni di Domenico, Jordi Grognard, Laurent Blondiau, Nate Wooley. Dans son quartet, il est fameusement bien entouré : Bram De Looze au piano, Manolo Cabras à la contrebasse et João Lobo à la batterie. Six compositions originales du leader. Et des sonorités chaudes, intimes, sensuelles. La voix du sax est veloutée, le piano est créatif et souvent inattendu, la contrebasse est subtile, en motifs de contrepoint, la batterie colore l'ensemble. La musique entrouvre la porte du free jazz sans jamais s'y engouffrer vraiment, sans excès. On est plutôt dans du cool d'aujourd'hui, mais sans aucune froideur. Il y a de la tension dans cet album, mais contrôlée, enrênée, et c'est ça qui est très réussi. A écouter attentivement, un verre de calvados ou de vieux cognac à portée de main.

Jordi De Beule, Jazz & Mo (09/09/2020)
Wanneer een album uitkomt aan het begin van een pandemie, durft het ons al eens te ontglippen. Maar klasse komt altijd bovendrijven en zo belandde het Daniele Martini Quartet alsnog op ons pad.

Koppel Bram De Looze aan dwarse geesten als Cabras en Lobo, en je krijgt boeiende interacties. Zet daar dan ook nog eens Daniele Martini naast, de tenorsaxofonist die zowel met Nate Wooley als Tony Allen tourde, en je hebt een plaat die nooit tussen de plooien had mogen vallen.

Van het dwarrelende For Those Who Stay tot het frenetische Born Work Sad Happy, in 6 open composities van Martini neemt het viertal zijn tijd om uiteenlopende stemmingen te verkennen. Onderweg is het genieten van het fijne drumwerk in Fang Song Song en het karakter dat Martini in zijn sax legt in bijvoorbeeld het spannende Impermanent.

In Auroshika komt alles samen: het geduld om ideeën uit te diepen, verfijnde toetsen die veel vertellen, De Looze die op avontuur trekt, Martini die overneemt terwijl Cabras accenten legt... Dit zijn nummers die zich losrukken van de tijd.

Heel fijn om in rond te dwalen.

Bernard Lefèvre, Jazz'Halo (08/08/2020)
Saxofonist Daniele Martini, geboren in Rome, maar nu al enige tijd gevestigd in Brussel, vormde zijn kwartet met de in onze hoofdstad zeer gewaardeerde Sardijnse contrabassist Manolo Cabras, de Portugese drummer João Lobo en mocht ook rekenen op de super getalenteerde pianist Bram De Looze voor dit album 'Impermanent'.

Daniele Martini tekent voor alle nummers met een open mind en ruimte voor de interactie van de medemuzikanten, als gelijken en vrij persoonlijk solerend, elementen van freejazz zonder daarin ver te gaan, immer melodisch en subtiel ritmische cool jazz. De aanpak van Daniele Martini zoekt het diep en ingetogen op 'Cells' en het slotnummer 'Born Work Sad Happy' na die licht uptempo en fijn free sporen.

Er waart een schaduw van innerlijke verwerking ('For Those Who Stay', 'Impermanent', 'Born Work Sad Happy') en spiritualiteit ('Auroshika', 'Fang Song Song') over 'Impermanent'. Martini draagt het album op ter nagedachtenis aan zusje Francesca.

Daniele Martini weet zich in 'Impermanent' perfect omringd door de creatieve pianospirit van Bram De Looze die heerlijk inkleurt. En dat samen met de karaktervolle ritmetandem brengt Martini's bezielde sax tot een avontuurlijke blend met een onderhuids sprankelende spanning.

'Impermanent' van Daniele Martini kan vergankelijk diep raken!

Georges Tonla Briquet, Jazzenzo Nederland (28/07/2020)
De eerste repetities van de Italiaans-Brusselse saxofonist Daniele Martini zijn kwartet dateren van ergens eind 2015. Nog geen jaar later stapten de vier een studio in. Door allerlei gebeurtenissen heeft de release pas nu plaats. Geen nood, het betreft tijdloze jazz waarin de protagonisten vertrouwde basiselementen al improviserend ombuigen in hun voordeel.

De opnamen van het debuut hadden plaats in minder aangename omstandigheden. Het leverde Martini wel de kracht en overtuiging om een heel bespiegelende cd af te leveren gedrenkt in een sfeer van classic jazz en dit mede door de hulp van pianist Bram De Looze, contrabassist Manolo Cabras en drummer João Lobo.

Inspiratie vind je overal maar soms overvalt het leven je en put je ideeën uit gebeurtenissen die je liever niet meemaakte. Dat is ongeveer het achtergrondverhaal van 'Impermanent'. Een aantal naaste vrienden van Martini ging door harde tijden en zelf verloor hij in die periode zijn jonger zusje. Elementen die weerspiegeld worden in zijn composities. De saxofonist die anders met veel bravoure uit de hoek komt, laat zich hier horen van een meer filosofische kant. Het mondde gelukkig niet uit in een horror vacui.

Martini blijft zijn statuut van geïnspireerd improvisator trouw. Hij presenteerde de (soms vage) basisideeën en verleende De Looze, Cabras en Lobo meer dan voldoende ruimte om op hun manier alles zeer nauwkeurig aan te vullen en uit te werken. "Dit kon enkel met dit kwartet," vertrouwde Martini ons toe. "Het opnameproces was heel bijzonder voor mij, gezien de situatie. Daarom moest ik kunnen rekenen op de juiste muzikanten".

Alhoewel 'For Those Who Stay' boekdelen spreekt, evenals de cd-titel 'Impermanent', valt er te genieten zonder de achterliggende geschiedenis te kennen. Het overgrote deel van de stukken klinkt eerder beheerst en contemplatief maar wel telkens met een onderliggende spanningsboog. Als meesterlijke coloristen zorgt elk groepslid voor de gepaste accenten en details. 'Cells', dat ongeveer halfweg opduikt, is het meest assertieve nummer, opgebouwd in verschillende etappes en diverse lagen. Meteen ook een uiterst complexe passage met een Martini die nog eens voluit gaat terwijl de drie anderen laten horen waarom ze momenteel tot de meest gevraagde muzikanten behoren. Er wordt afgesloten met 'Born Work Happy Sad' een citaat van Ornette Coleman waarmee hij zijn hele leven samenvatte in een interview. Een uitlaat waarin Martini zich helemaal kan vinden en die hij samen met zijn drie begeleiders bezield illustreert.

'Impermanent' vormt zo een sterk voorbeeld van hoe je extreme emoties kan verankeren in je werk. Ondertussen heeft de saxofonist de nodige plannen voor een vervolg. Maar daarover wil hij voorlopig niets kwijt. Wordt vervolgd.

Claude Loxhay, Jazzaround (02/07/2020)
Né en 1977, le saxophoniste italien Daniele Martini a d'abord suivi ses études en Hollande avant de s'établir en Belgique à l'image de son ami sarde Manolo Cabras.

Il fait partie du quartet du contrebassiste Nicola Lancerotti, avec le saxophoniste Jordi Grognard (albums Skin en 2013 et Lux en 2014) et de Mulabanda avec le pianiste Giovanni Di Domenico (Lift your toes en 2013). Il a aussi enregistré en trio avec le trompettiste américain Nate Wooley (plusieurs fois partenaire de Teun Verbruggen) et de João Lobo (Creative Songs Recording en 2016).

Voici le quartet qu'il a présenté à l'An Vert avant le confinement. Au piano, Bram De Looze (Lab Trio, Urbex, trio de Robin Verheyen avec Joey Baron); à la contrebasse, Manolo Cabras (Ben Sluijs, Manu Hermia, quartet avec Jean-Paul Estiévenart) et João Lobo (longtemps partenaire de Mâäk et MikMâäk).

Au répertoire , six compositions originales. Une sonorité chaude et lisse du ténor, sansla moindre raucité, que ce soit sur tempo apaisé, tout en intériorité (Auroshika, avec jeu de balais en délicatesse et finale sur cymbale de Joao Lobo) que sur rythme nerveux (Born Work Sad Happy, Cells).

Le quartet fait preuve d'une belle complicité avec de vigoureuses envolées de piano, une contrebasse solide et nerveuse et un jeu de batterie tout en subtilité.